Natuurlijk Buitenspelen : buroBlad
Natuurlijk met veel groen, fantasieprikkelend en veilig!!
 

Wat is nu een echte natuurlijke speelplaats?

                                                                              Na jaren werken met het product "Natuurlijk Buitenspelen", raak ik steeds meer in de war. Bij bezoeken aan diverse gemeentes en kinderdagverblijven, krijg ik voorbeelden te zien van de verwachtingen die zij hebben van een natuurlijke speelplaats.

Ik zie plaatjes van grijze schoolpleinen met speeltoestellen van natuurlijke materialen. Bulten met betonnen buizen erin, mooie kunstgrasvelden waarop gevoetbald kan worden, een pad met wat boomstammen erlangs. Of speeltoestellen die in een groene omgeving geplaatst zijn. Heb ik het dan na al die jaren natuurlijke speelplaatsen ontwerpen niet goed begrepen?

Het natuurlijk buitenspelen is een trend geworden en iedereen stort zich er op om een graantje mee te pikken van de vraag naar en subsidies voor natuurlijke speelplaatsen. Maar wat is natuurlijk buitenspelen nu eigenlijk? Waar zijn die subsidies voor bedoeld? Wat willen we de kinderen bieden? En vooral: hoe willen de kinderen zelf spelen?

Gelukkig hebben we de boeken nog, waarin de verwarring die omtrent deze terminologie bestaat, beschreven staat en nader wordt verklaard:

Uit: Speelnatuur in de stad, hoe maakt je dat,
door de Speeldernis, GGD Rotterdam-Rijnmond, Wageningen UR
ISBN 9789062244980

( blz 19 1.4 Terminologie speelnatuur.)

“ Voor groene, natuurlijke speelplekken en voor het spelen op die plekken zijn veel verschillende termen in de omloop. Dat is logisch voor een fenomeen dat vanuit verschillende oorsprongen/contexten in ontwikkeling is. ( Zie figuur) Inmiddels is het fenomeen de pioniersfase ontgroeid. De huidige fase van adaptatie en de vervolgstap naar algemeen aanbod, is gebaat bij eenduidig woordgebruik. Duidelijke terminologie verheldert de discussie tussen de verschillende betrokken disciplines en settings en tussen verschillende bestuursslagen. Het vergemakkelijkt daarmee de implementatie van groene, natuurlijke speelplaatsen in de stad.

Daarbij komt dat de populariteit van spelen in het groen en natuurspeelplekken groeit. De termen duiken op bij speelplekken die niet meer groen bieden dan de bomen en struiken die als decor de plek omzomen plus wellicht een vlot dat over een waterpartij is gelegd, of voor ( houten) speeltoestellen die in een verder groen gebied geplaatst zijn. Dat dus niet de beoogde speelnatuur-kwaliteit. Om te voorkomen dat straks iedere schommel die tussen de heesters staat als “natuurspelen’ wordt neergezet, moeten de begrippen helder zijn. Dan kan speelnatuur een duurzame inbedding krijgen in plaats van een hype worden die weer overwaait, verloedert of instort.”

Waarbij blz. 21 vervolgt:

Speelnatuur heeft natuurlijk groen als onderwerp en omgeving van het spel. Dus niet alleen als randbekleding of decor voor gewone speelvoorzieningen. Speeltoestellen zijn er niet, of alleen in deelgebieden of incidenteel verspreid aanwezig ( max. 20% van het oppervlak). Kinderen kunnen delen van de plek zelf vormgeven of veranderen (minimaal 20%), bijvoorbeeld door spel met losse elementen, water,  zand, leem.”

Ik ben blij als ik dit lees. Ik heb het al die tijd dus toch goed begrepen. Dit is dus niet alleen wat in mijn ogen natuurlijk buitenspelen is, maar het is ook echt waar natuurlijk buitenspelen werkelijk om draait. 

Peter Doornenbal,
ontwerper buroBlad

juni 2011